|
Haptonomie is de leer van het voelen. In de 60-er
jaren is het belang van gevoel en affectiviteit herontdekt en verder
ontwikkeld door Frans Veldman, leraar lichamelijke opvoeding. In die
tijd werd de mens in de medische wetenschap maar ook in de industrie
steeds meer bekeken en behandeld als een (meer of minder goed ge-oliede)
machine: maakbaar en repareerbaar, in plaats van als een voelend
ingesteld wezen met emoties en gevoelens.
Ook nu ligt -samenhangend met de ontwikkeling van de techniek- het
accent in onze cultuur op het ontwikkelen van de verstandelijke
vermogens en raakt het voelen ondergewaardeerd. Door een druk bestaan of
als gevolg van nare gebeurtenissen wordt gevoel vaak verdrongen of
gedomineerd door het verstand. De mens is echter een voelend wezen. Als
baby en als kind verkennen we met onze tastzin (hapsis in het Grieks) de
wereld, maken we ons de wereld eigen en vinden we onze plaats in die
wereld. Ook het aangeraakt worden is belangrijk voor de ontwikkeling van
een kind, zelfs van levensbelang. Alles wat je in je leven meemaakt is
als herinnering vastgelegd, maar ook als gevoelde kennis opgeslagen in
het lichaam. Zoals muziek herinneringen en gevoelens kan oproepen,
gebeurt dat ook bij aanraking of een sfeer voelen. Daarmee wordt een
situatie ingeschat. Het vanzelfsprekend aanraken en aangeraakt worden,
het al voelend de wereld verkennen, gaat verloren met het volwassen
worden.
Door meer waarde te hechten aan verstandelijke vermogens en
rationaliteit gebruiken wij onze zintuigen, waaronder de tastzin, steeds
minder op een open en ontdekkende manier. Voelen, gevoelens en emoties
raken ondergesneeuwd en ondergewaardeerd. Door deze disbalans kun je op
een gegeven moment in de knoop raken met jezelf en in relaties. Er
kunnen problemen ontstaan van lichamelijke en/of psychische aard, of
vage gevoelens van bijvoorbeeld onvrede.
|